Tim & Michel op reis

Vietnam

Vietnam – Cambodja

Vietnam – Cambodja

Vietnam – Cambodja

Wat een immense en intense stad is Sài Gòn. We dachten dat we in Hà Nội wel gewend waren aan het drukke verkeer, de langszoevende motorbikes en het constante getoeter… Niets bleek minder waar, want in Sài Gòn is het allemaal nog een tandje meer, en veel en veel voller.

Sài Gòn wil een metropool zijn en dat zie je aan alles. De skyscrapers en malls poppen uit de grond, en de super luxe modemerken zoals Chanel, Louis Vuitton, etc vestigen zich in de stad.

Hierdoor zie je dat het gat tussen rijk en arm heel groot is.

De stad is opgedeeld in districten (Phường) en Phường 1 wordt gezien als het absolute centrum. Hier zie je tussen de enorme wolkenkrabbers en malls ook heel duidelijk de Franse invloeden. Er staat (ja daar is hij weer) ook hier een Notre-Dame Cathedral en het Sài Gòn postkantoor en operahuis zijn koloniale ‘landmarks’.

Woensdag de 19e zijn we laat in Sài Gòn aangekomen, hebben ons hostel opgezocht en zijn meteen gaan slapen. Donderdag hadden we nog 10 dagen visum voor Vietnam, dus we moesten dan toch maar een vervolgplan gaan trekken. Cambodja leek ons de meest logische stap. Daarom zijn we als eerste naar het consulaat van Cambodja in Sài Gòn gegaan om een visumaanvraag in te dienen. Super eenvoudig, 24 uur laten konden we ons paspoort met ingeplakt visum alweer ophalen. Volgende land, Cambodja! Maar nu eerst nog een flinke week in Vietnam.

In totaal hebben we 7 dagen in Sài Gòn doorgebracht, we hebben de dingen gedaan die we in en om de stad wilden bezoeken zoals het War Remnants Museum, de Chu Chi tunnels (beide vanwege de historie van dit land) en China Town. Daarnaast hebben we bewust ook wat off-day dagen ingepland. Dit was dan ook niet meer dan een dagdeel doorbrengen in een koffiehuis met onze MacBook. Michel om te ontwerpen, Tim om wat muziek te maken. Wat je meestal niet door hebt is dat dit je dagelijks leven is geworden. Je moet/kunt daarom niet altijd opzoek zijn naar activiteiten. Daarnaast worden onze kleren ook vies en moeten we een moment inlassen om de was te doen. Zo zijn er een boel dagelijkse dingen die je gewoon blijft doen uiteraard. Wél is de omgeving steeds anders en dien je telkens opnieuw je weg te vinden naar deze dagelijkse bezigheden.

Tijdens ons verblijf in Sài Gòn hebben we een uitstap gemaakt naar Cần Thơ. De busrit hierheen duurt 3 uur en was goed betaalbaar. Helaas bleken we wederom in een sleeperbus te zijn geëindigd — vanaf nu vragen we het maar van tevoren. Eenmaal aangekomen heeft een taxi ons naar het piepkleine plaatsje Thường Thạnh gebracht. Dit bleek ontzettend afgelegen, wat resulteerde dat wij de taxi-chauffeur erheen hebben moeten leiden met Google Maps. Het laatste stuk moesten we zelfs lopen omdat er geen auto’s konden komen.

Na een supergoeie lokale maaltijd en een goed gesprek met een Israëlisch stel, zijn we rond 21:30 uur al gaan slapen. De wekker ging voor ons namelijk om 03:00 uur, vanwege een tocht door de Mekong Delta — een netwerk van landinwaartse rivieren waar de bevolking ook nagenoeg op of aan het water leeft. Na onze gids wakker gemaakt te hebben om 04:00 uur — hij had zich verslapen — zijn wij een bootje opgestapt en in het pikkedonker over de riviertjes van Cần Thơ en Cai Rang op pad gegaan naar onze eerste stop. Het enige licht wat er was, was het reflecterende maanlicht op het water. De oever weerspiegelde zich aan beide zijden in het water, waardoor je alles als een soort symmetrische tunnel zag. De vleermuizen scheerden rakelings langs de boot over het water. Het enige geluid kwam van hanengekraai… en onze buitenboordmotor 😉 Het langzaam maar zeker licht worden en het ontwaken van Vietnam aan het water is echt zó prachtig! Mensen die zich wassen in de rivier, silhouetten van mensen op het dek van hun boot die hun ochtendgebed doen en meisjes die vanaf hun woonboot met een klein roeibootje naar de kant gaan om naar school te gaan.

Vanavond verhuizen we weer! We gaan met een sleeperbus naar Huế, dit is een grote stap op de kaart en duurt dan ook 10 uur!

Men leeft dus een week lang op deze bootjes, voordat ze weer naar huis kunnen. Die vaarroute naar huis duurt vervolgens ook nog eens rond de 10 uur.

De tweede Floating Market waar we daarna heen gingen kun je beschouwen als een groothandel. De schepen zijn ook veel groter en de marktkooplui van de eerste floating market halen hun goederen bij dit ‘verdeel-station’. Máár… voordat we de markt opgingen was het eerst tijd voor ontbijt! Met een stevige trek zijn we daarom naast DÉ Hủ Tiếu (populaire noodlesoup van Zuid-Vietnam) verkoper van de omgeving aangemeerd, begrijp goed.. niet aan een steiger… nee, aan zijn kleine hemelsblauwe Hủ Tiếu bereidingsbootje!

Al genietend van dit enorm lekkere ontbijt (het was inmiddels 8:30 uur) komt er aan onze linkerzijde een bootje aanmeren die ons koffie verkoopt. We hadden nu dus aan weerszijden een aangemeerd bootje liggen, waarmee we van alle gemakken voorzien waren. Totaal hebben we 7,5 uur op het water doorgebracht en aan het begin van de middag zijn we in Cần Thơ afgezet in de haven. Een mooie tocht met ook hier weer grote contrasten. De rivier en het gebied van de Mekong Delta zijn ontzettend vruchtbaar voor voedselverbouwing en transport, maar tegelijkertijd wordt het ook als vuilnisbelt behandeld. De bevolking leeft aan het water en wanneer je door de rivier vaart, kijk je bij de mensen in hun achtertuin. Waar het ene huishouden zijn prullenbak ondersteboven kiept in het water, staat de buurvrouw haar kleren in datzelfde water te wassen. Ook mensen wassen zichzelf in de rivier, terwijl de oevers werkelijk overal bezaaid liggen met plastic en huishoudelijk afval. Het staat bekend als een prachtig natuurgebied met ontzettend veel groen en dat is het ook écht, maar wanneer je er bent zie je zeker ook de realiteit.

Tijd om weer terug te gaan naar Sài Gòn en om ons voor te bereiden op de trip naar Cambodja.

Vanuit Sài Gòn hebben we dan ook donderdagochtend de bus gepakt (Ja! Een normale zitbus) naar Phnom Penh, de hoofdstad van Cambodja.

De stad maakte niet veel indruk op ons, en na de belangrijkste bezienswaardigheden zoals de S21 Genocide Museum en de Kiling Fields — twee plaatsen die je écht bezocht moet hebben vanwege zijn (gruwelijke) geschiedenis rondom de Rode Khmer — zijn we vanochtend om 7 uur op de trein naar Sihanoukville gestapt, vanwaar we direct verder zouden gaan naar Koh Rong.

In de trein raakten we aan de praat met een Nederlands stel uit Leeuwarden, welke onderweg waren naar Kampot. Na wat gelezen te hebben, besloten we net voordat de trein tot stilstand kwam dat we deze plek óók wilden zien. En hier zijn we dan onverwachts…. in Kampot!

Van noord naar zuid

Vietnam – Cambodja

Vietnam – Cambodja

Wat een immense en intense stad is Sài Gòn. We dachten dat we in Hà Nội wel gewend waren aan het drukke verkeer, de langszoevende motorbikes en het constante getoeter… Niets bleek minder waar, want in Sài Gòn is het allemaal nog een tandje meer, en veel en veel voller.

Sài Gòn wil een metropool zijn en dat zie je aan alles. De skyscrapers en malls poppen uit de grond, en de super luxe modemerken zoals Chanel, Louis Vuitton, etc vestigen zich in de stad.

Hierdoor zie je dat het gat tussen rijk en arm heel groot is.

De stad is opgedeeld in districten (Phường) en Phường 1 wordt gezien als het absolute centrum. Hier zie je tussen de enorme wolkenkrabbers en malls ook heel duidelijk de Franse invloeden. Er staat (ja daar is hij weer) ook hier een Notre-Dame Cathedral en het Sài Gòn postkantoor en operahuis zijn koloniale ‘landmarks’.

Woensdag de 19e zijn we laat in Sài Gòn aangekomen, hebben ons hostel opgezocht en zijn meteen gaan slapen. Donderdag hadden we nog 10 dagen visum voor Vietnam, dus we moesten dan toch maar een vervolgplan gaan trekken. Cambodja leek ons de meest logische stap. Daarom zijn we als eerste naar het consulaat van Cambodja in Sài Gòn gegaan om een visumaanvraag in te dienen. Super eenvoudig, 24 uur laten konden we ons paspoort met ingeplakt visum alweer ophalen. Volgende land, Cambodja! Maar nu eerst nog een flinke week in Vietnam.

In totaal hebben we 7 dagen in Sài Gòn doorgebracht, we hebben de dingen gedaan die we in en om de stad wilden bezoeken zoals het War Remnants Museum, de Chu Chi tunnels (beide vanwege de historie van dit land) en China Town. Daarnaast hebben we bewust ook wat off-day dagen ingepland. Dit was dan ook niet meer dan een dagdeel doorbrengen in een koffiehuis met onze MacBook. Michel om te ontwerpen, Tim om wat muziek te maken. Wat je meestal niet door hebt is dat dit je dagelijks leven is geworden. Je moet/kunt daarom niet altijd opzoek zijn naar activiteiten. Daarnaast worden onze kleren ook vies en moeten we een moment inlassen om de was te doen. Zo zijn er een boel dagelijkse dingen die je gewoon blijft doen uiteraard. Wél is de omgeving steeds anders en dien je telkens opnieuw je weg te vinden naar deze dagelijkse bezigheden.

Tijdens ons verblijf in Sài Gòn hebben we een uitstap gemaakt naar Cần Thơ. De busrit hierheen duurt 3 uur en was goed betaalbaar. Helaas bleken we wederom in een sleeperbus te zijn geëindigd — vanaf nu vragen we het maar van tevoren. Eenmaal aangekomen heeft een taxi ons naar het piepkleine plaatsje Thường Thạnh gebracht. Dit bleek ontzettend afgelegen, wat resulteerde dat wij de taxi-chauffeur erheen hebben moeten leiden met Google Maps. Het laatste stuk moesten we zelfs lopen omdat er geen auto’s konden komen.

Na een supergoeie lokale maaltijd en een goed gesprek met een Israëlisch stel, zijn we rond 21:30 uur al gaan slapen. De wekker ging voor ons namelijk om 03:00 uur, vanwege een tocht door de Mekong Delta — een netwerk van landinwaartse rivieren waar de bevolking ook nagenoeg op of aan het water leeft. Na onze gids wakker gemaakt te hebben om 04:00 uur — hij had zich verslapen — zijn wij een bootje opgestapt en in het pikkedonker over de riviertjes van Cần Thơ en Cai Rang op pad gegaan naar onze eerste stop. Het enige licht wat er was, was het reflecterende maanlicht op het water. De oever weerspiegelde zich aan beide zijden in het water, waardoor je alles als een soort symmetrische tunnel zag. De vleermuizen scheerden rakelings langs de boot over het water. Het enige geluid kwam van hanengekraai… en onze buitenboordmotor 😉 Het langzaam maar zeker licht worden en het ontwaken van Vietnam aan het water is echt zó prachtig! Mensen die zich wassen in de rivier, silhouetten van mensen op het dek van hun boot die hun ochtendgebed doen en meisjes die vanaf hun woonboot met een klein roeibootje naar de kant gaan om naar school te gaan.

Vanavond verhuizen we weer! We gaan met een sleeperbus naar Huế, dit is een grote stap op de kaart en duurt dan ook 10 uur!

Men leeft dus een week lang op deze bootjes, voordat ze weer naar huis kunnen. Die vaarroute naar huis duurt vervolgens ook nog eens rond de 10 uur.

De tweede Floating Market waar we daarna heen gingen kun je beschouwen als een groothandel. De schepen zijn ook veel groter en de marktkooplui van de eerste floating market halen hun goederen bij dit ‘verdeel-station’. Máár… voordat we de markt opgingen was het eerst tijd voor ontbijt! Met een stevige trek zijn we daarom naast DÉ Hủ Tiếu (populaire noodlesoup van Zuid-Vietnam) verkoper van de omgeving aangemeerd, begrijp goed.. niet aan een steiger… nee, aan zijn kleine hemelsblauwe Hủ Tiếu bereidingsbootje!

Hội An hebben we ook op de fiets ontdekt, en dat was zowel overdag als ’s avonds een enorm leuke ervaring. Het ligt praktisch aan de kust, dus binnen een half uur ben je op het strand.

Toen we volledig in style voor het strand aankwamen bleek echter dat de zee zo woest was dat het hele strand niet eens bereikbaar was. We kwamen niet verder dan een rijtje palmbomen en een dijk van zandzakken om de metershoge golven te laten breken. Raar, want het weer was verder hartstikke rustig. Het uitje naar het strand hebben we daarom maar ingeruild voor een fietstochtje, weg van de gebaande paden. En zo beland je van een drukke straat opeens in een rustig landweggetje tussen de rijstvelden! Waar kraanvogels rustig meerijden op de rug van grazende buffels en de witte eenden kwakend tussen de rijst zwemmen. De contrasten in Hội An zijn groot en dat maakt het een hele fijne plek om te verblijven.

Ook onze reis terug van Hội An naar Đà Nẵng hebben we uiteraard weer zo low-budget mogelijk gedaan, en na een wandeltochtje van 20-30 minuten zijn we in de lokale bus gestapt.

Na een hevige discussie met de kaartjescontroleur (die we overigens gewonnen hebben!) over het feit dat het kaartje nu ineens 50.000 đồng kost, en 3 dagen geleden 30.000 đồng, zitten we nu op het vliegveld van Đà Nẵng te wachten op het vliegtuig Hồ Chí Minh City — ze noemen het hier trouwens nog gewoon Saigon. We horen je denken: “Wooo low-budget toch?” Ja, dat klopt! Het vliegtuig blijkt in dit geval goedkoper dan een busrit. Fijn, want een busrit zou in dit geval 16 uur duren, daarentegen doet het vliegtuig er ruim een uurtje over.

Ennnn… we zijn in Saigon!

En we zijn bruin!

Vietnam – Cambodja

Vietnam – Cambodja

Wat een immense en intense stad is Sài Gòn. We dachten dat we in Hà Nội wel gewend waren aan het drukke verkeer, de langszoevende motorbikes en het constante getoeter… Niets bleek minder waar, want in Sài Gòn is het allemaal nog een tandje meer, en veel en veel voller.

Sài Gòn wil een metropool zijn en dat zie je aan alles. De skyscrapers en malls poppen uit de grond, en de super luxe modemerken zoals Chanel, Louis Vuitton, etc vestigen zich in de stad.

Hierdoor zie je dat het gat tussen rijk en arm heel groot is.

De stad is opgedeeld in districten (Phường) en Phường 1 wordt gezien als het absolute centrum. Hier zie je tussen de enorme wolkenkrabbers en malls ook heel duidelijk de Franse invloeden. Er staat (ja daar is hij weer) ook hier een Notre-Dame Cathedral en het Sài Gòn postkantoor en operahuis zijn koloniale ‘landmarks’.

Woensdag de 19e zijn we laat in Sài Gòn aangekomen, hebben ons hostel opgezocht en zijn meteen gaan slapen. Donderdag hadden we nog 10 dagen visum voor Vietnam, dus we moesten dan toch maar een vervolgplan gaan trekken. Cambodja leek ons de meest logische stap. Daarom zijn we als eerste naar het consulaat van Cambodja in Sài Gòn gegaan om een visumaanvraag in te dienen. Super eenvoudig, 24 uur laten konden we ons paspoort met ingeplakt visum alweer ophalen. Volgende land, Cambodja! Maar nu eerst nog een flinke week in Vietnam.

In totaal hebben we 7 dagen in Sài Gòn doorgebracht, we hebben de dingen gedaan die we in en om de stad wilden bezoeken zoals het War Remnants Museum, de Chu Chi tunnels (beide vanwege de historie van dit land) en China Town. Daarnaast hebben we bewust ook wat off-day dagen ingepland. Dit was dan ook niet meer dan een dagdeel doorbrengen in een koffiehuis met onze MacBook. Michel om te ontwerpen, Tim om wat muziek te maken. Wat je meestal niet door hebt is dat dit je dagelijks leven is geworden. Je moet/kunt daarom niet altijd opzoek zijn naar activiteiten. Daarnaast worden onze kleren ook vies en moeten we een moment inlassen om de was te doen. Zo zijn er een boel dagelijkse dingen die je gewoon blijft doen uiteraard. Wél is de omgeving steeds anders en dien je telkens opnieuw je weg te vinden naar deze dagelijkse bezigheden.

Tijdens ons verblijf in Sài Gòn hebben we een uitstap gemaakt naar Cần Thơ. De busrit hierheen duurt 3 uur en was goed betaalbaar. Helaas bleken we wederom in een sleeperbus te zijn geëindigd — vanaf nu vragen we het maar van tevoren. Eenmaal aangekomen heeft een taxi ons naar het piepkleine plaatsje Thường Thạnh gebracht. Dit bleek ontzettend afgelegen, wat resulteerde dat wij de taxi-chauffeur erheen hebben moeten leiden met Google Maps. Het laatste stuk moesten we zelfs lopen omdat er geen auto’s konden komen.

Na een supergoeie lokale maaltijd en een goed gesprek met een Israëlisch stel, zijn we rond 21:30 uur al gaan slapen. De wekker ging voor ons namelijk om 03:00 uur, vanwege een tocht door de Mekong Delta — een netwerk van landinwaartse rivieren waar de bevolking ook nagenoeg op of aan het water leeft. Na onze gids wakker gemaakt te hebben om 04:00 uur — hij had zich verslapen — zijn wij een bootje opgestapt en in het pikkedonker over de riviertjes van Cần Thơ en Cai Rang op pad gegaan naar onze eerste stop. Het enige licht wat er was, was het reflecterende maanlicht op het water. De oever weerspiegelde zich aan beide zijden in het water, waardoor je alles als een soort symmetrische tunnel zag. De vleermuizen scheerden rakelings langs de boot over het water. Het enige geluid kwam van hanengekraai… en onze buitenboordmotor 😉 Het langzaam maar zeker licht worden en het ontwaken van Vietnam aan het water is echt zó prachtig! Mensen die zich wassen in de rivier, silhouetten van mensen op het dek van hun boot die hun ochtendgebed doen en meisjes die vanaf hun woonboot met een klein roeibootje naar de kant gaan om naar school te gaan.

Vanavond verhuizen we weer! We gaan met een sleeperbus naar Huế, dit is een grote stap op de kaart en duurt dan ook 10 uur!

953 km later

Vietnam – Cambodja

Vietnam – Cambodja

Wat een immense en intense stad is Sài Gòn. We dachten dat we in Hà Nội wel gewend waren aan het drukke verkeer, de langszoevende motorbikes en het constante getoeter… Niets bleek minder waar, want in Sài Gòn is het allemaal nog een tandje meer, en veel en veel voller.

Sài Gòn wil een metropool zijn en dat zie je aan alles. De skyscrapers en malls poppen uit de grond, en de super luxe modemerken zoals Chanel, Louis Vuitton, etc vestigen zich in de stad.

Hierdoor zie je dat het gat tussen rijk en arm heel groot is.

De stad is opgedeeld in districten (Phường) en Phường 1 wordt gezien als het absolute centrum. Hier zie je tussen de enorme wolkenkrabbers en malls ook heel duidelijk de Franse invloeden. Er staat (ja daar is hij weer) ook hier een Notre-Dame Cathedral en het Sài Gòn postkantoor en operahuis zijn koloniale ‘landmarks’.

Woensdag de 19e zijn we laat in Sài Gòn aangekomen, hebben ons hostel opgezocht en zijn meteen gaan slapen. Donderdag hadden we nog 10 dagen visum voor Vietnam, dus we moesten dan toch maar een vervolgplan gaan trekken. Cambodja leek ons de meest logische stap. Daarom zijn we als eerste naar het consulaat van Cambodja in Sài Gòn gegaan om een visumaanvraag in te dienen. Super eenvoudig, 24 uur laten konden we ons paspoort met ingeplakt visum alweer ophalen. Volgende land, Cambodja! Maar nu eerst nog een flinke week in Vietnam.

In totaal hebben we 7 dagen in Sài Gòn doorgebracht, we hebben de dingen gedaan die we in en om de stad wilden bezoeken zoals het War Remnants Museum, de Chu Chi tunnels (beide vanwege de historie van dit land) en China Town. Daarnaast hebben we bewust ook wat off-day dagen ingepland. Dit was dan ook niet meer dan een dagdeel doorbrengen in een koffiehuis met onze MacBook. Michel om te ontwerpen, Tim om wat muziek te maken. Wat je meestal niet door hebt is dat dit je dagelijks leven is geworden. Je moet/kunt daarom niet altijd opzoek zijn naar activiteiten. Daarnaast worden onze kleren ook vies en moeten we een moment inlassen om de was te doen. Zo zijn er een boel dagelijkse dingen die je gewoon blijft doen uiteraard. Wél is de omgeving steeds anders en dien je telkens opnieuw je weg te vinden naar deze dagelijkse bezigheden.

Tijdens ons verblijf in Sài Gòn hebben we een uitstap gemaakt naar Cần Thơ. De busrit hierheen duurt 3 uur en was goed betaalbaar. Helaas bleken we wederom in een sleeperbus te zijn geëindigd — vanaf nu vragen we het maar van tevoren. Eenmaal aangekomen heeft een taxi ons naar het piepkleine plaatsje Thường Thạnh gebracht. Dit bleek ontzettend afgelegen, wat resulteerde dat wij de taxi-chauffeur erheen hebben moeten leiden met Google Maps. Het laatste stuk moesten we zelfs lopen omdat er geen auto’s konden komen.

Na een supergoeie lokale maaltijd en een goed gesprek met een Israëlisch stel, zijn we rond 21:30 uur al gaan slapen. De wekker ging voor ons namelijk om 03:00 uur, vanwege een tocht door de Mekong Delta — een netwerk van landinwaartse rivieren waar de bevolking ook nagenoeg op of aan het water leeft. Na onze gids wakker gemaakt te hebben om 04:00 uur — hij had zich verslapen — zijn wij een bootje opgestapt en in het pikkedonker over de riviertjes van Cần Thơ en Cai Rang op pad gegaan naar onze eerste stop. Het enige licht wat er was, was het reflecterende maanlicht op het water. De oever weerspiegelde zich aan beide zijden in het water, waardoor je alles als een soort symmetrische tunnel zag. De vleermuizen scheerden rakelings langs de boot over het water. Het enige geluid kwam van hanengekraai… en onze buitenboordmotor 😉 Het langzaam maar zeker licht worden en het ontwaken van Vietnam aan het water is echt zó prachtig! Mensen die zich wassen in de rivier, silhouetten van mensen op het dek van hun boot die hun ochtendgebed doen en meisjes die vanaf hun woonboot met een klein roeibootje naar de kant gaan om naar school te gaan.

Vanavond verhuizen we weer! We gaan met een sleeperbus naar Huế, dit is een grote stap op de kaart en duurt dan ook 10 uur!

Men leeft dus een week lang op deze bootjes, voordat ze weer naar huis kunnen. Die vaarroute naar huis duurt vervolgens ook nog eens rond de 10 uur.

De tweede Floating Market waar we daarna heen gingen kun je beschouwen als een groothandel. De schepen zijn ook veel groter en de marktkooplui van de eerste floating market halen hun goederen bij dit ‘verdeel-station’. Máár… voordat we de markt opgingen was het eerst tijd voor ontbijt! Met een stevige trek zijn we daarom naast DÉ Hủ Tiếu (populaire noodlesoup van Zuid-Vietnam) verkoper van de omgeving aangemeerd, begrijp goed.. niet aan een steiger… nee, aan zijn kleine hemelsblauwe Hủ Tiếu bereidingsbootje!

Hà Nội allemaal!

Vietnam – Cambodja

Vietnam – Cambodja

Wat een immense en intense stad is Sài Gòn. We dachten dat we in Hà Nội wel gewend waren aan het drukke verkeer, de langszoevende motorbikes en het constante getoeter… Niets bleek minder waar, want in Sài Gòn is het allemaal nog een tandje meer, en veel en veel voller.

Sài Gòn wil een metropool zijn en dat zie je aan alles. De skyscrapers en malls poppen uit de grond, en de super luxe modemerken zoals Chanel, Louis Vuitton, etc vestigen zich in de stad.

Hierdoor zie je dat het gat tussen rijk en arm heel groot is.

De stad is opgedeeld in districten (Phường) en Phường 1 wordt gezien als het absolute centrum. Hier zie je tussen de enorme wolkenkrabbers en malls ook heel duidelijk de Franse invloeden. Er staat (ja daar is hij weer) ook hier een Notre-Dame Cathedral en het Sài Gòn postkantoor en operahuis zijn koloniale ‘landmarks’.