Maleisië

8 paspoortstempels in 1 rit!

Op 8 april vliegen we wederom naar Jakarta en stappen meteen over op een vlucht naar Pontianak op Kalimantan (het Indonesische gedeelte van Borneo) Recentelijk zijn we te weten gekomen dat de vader van Tim hier gewoond heeft toen hij een klein jongetje was, dit als leuk klein weetje. Wij gebruiken Pontianak eigenlijk alleen als doorreis-hub naar Maleisisch borneo en gaan na een nacht slapen dan ook vroeg op pad om bij onze geboekte bus te komen op het busstation 20 km buiten de stad. Onze bus vertrekt om 07:00 uur en op aanraden van ons hotel vertrekken we om 05:30 (We moesten rekening houden met de drukke ochtend spits) met de taxi, en nog geen 20 minuten later staan we op een verlaten busstation in the middle of nowhere, we zijn wat aan de vroege kant concluderen we al snel.

We ontbijten en rond 06:30 blijkt er wat leven op het busstation te komen. De loketten worden langzaam aan bemand en even later gaat het licht dan ook aan van de door ons geboekte busmaatschappij. De mijnheer achter het loket kan er niet bij dat we via internet geboekt hebben (zo begrijpen we, hij spreek alleen Indonesisch) en is van mening dat we nog moeten betalen. In ons beste handen-en-voeten-werk krijgen we hem er van overtuigd dat het echt zo is en dat we echt niet nog een keer 500.000 rupiah gaan betalen! Er wordt wat heen en weer gebeld en middels een gevonden amateur-tolk begrijpen we dat we mogen doorlopen naar het vertrek platform. Waar we inmiddels al niet meer van opkijken is er geen bus om 07:00 uur. Pas tegen 07:30 komt er dan toch een bus en kunnen we even later beginnen aan onze 9 uur durende rit naar Kuching (Maleisië).

De rit naar Kuching is werkelijk prachtig! Onze eerste indrukken van het regenwoud van Borneo doen we hier op, maar zeerzeker ook het (voornamelijk) primitieve leven wat de mensen hebben. Er loopt eigenlijk maar één hoofdweg langs de kust van het eiland, helemaal rondom. Langs deze weg bouwt iedereen zijn houten huisje. Vaak is het een niet meer dan vier buitenmuren met een dak. We kijken onze ogen uit naar al het schoons van natuur en ook hoe gelukkig je kan zijn met zo weinig middelen.

Kuching Kuching staat bekend om het National Park wat er in de buurt ligt, en er is een Wildlife Center welke oerang utans opvangt die verstoten zijn of wees. De oeraug utans leven gewoon in het regenwoud, maar worden om de zoveel tijd met een lokroep aangehaald om ze bij te voederen als ze daar behoefte aan hebben. Op deze manier leven de apen volledig in de natuur, maar kan er ook een oogje in het zeil worden gehouden.

Onze eerste stop is het Wildlife Center. Het centrum ligt zo’n uur buiten Kuching. We maken gretig gebruik van Uber in Maleisië en dus ook in Kuching. Tot ons verbazing accepteert een uber-chauffeur onze aanvraag en al rijdende komt deze dame er een beetje schrikachtig achter dat ze en rit heeft geaccepteerd van zo’n grote afstand. Er wordt wat druk gebeld met (wij denken) mede uber-chauffeurs en uiteindelijk komen we snel (en erg voordelig) op onze bestemming aan.

Vanaf de ingang is het nog zo’n 20 minuten door het regenwoud lopen. Op het moment dat we aankomen bij zien we dat er een enorme oerang utan net gevoederd wordt met een enorme berg bananen, hardgekookte eieren en een kokosnoot toe. In ons vooronderzoek hadden we over dit mannetje al gelezen; het is Ricky. Ricky is een erg humeurig dominant mannetje die de leider van de groep is. Hij wil altijd op hetzelfde tijdstip te eten krijgen om hem niet kwaad te krijgen. Die hebben we alvast in de pocket – het is namelijk niet gegarandeerd dat de oerang utans op het voederen af komen elke keer. Dit is afhankelijk van het weer, maar ook de beschikbaarheid van voedsel in het regenwoud is hier een factor in.

Helaas begint het bijna daarna meteen te al een gek te regenen en zien we de hoop om de rest van de oerang utan te kunnen zien langzaam maar zeker verder wegzakken.

In de zeikende regen staan we met nog een klein beetje hoop op de uitkijk naar nog meer van deze mooie beestjes. Even later komen er 2 verzorgers uit de jungle met — ja hoor — daarachteraan een oerang utan.

Op dit specifieke moment realiseren we dat soms alleen met je iPhone fotograferen geen uitkomst is, en hele duidelijke foto’s maken we niet van deze schattige wezentjes. Dat we ze in het echt hebben mogen zien is een bijzondere ervaring, en het zijn prachtige dieren!

Kuching betekend letterlijk ‘kat’, de stad maakt hier gretig gebruik van. Op verschillende straathoeken staan standbeelden van katten en er is een heus kattenmuseum. Op een verveeld moment nemen we hier een kijkje – het is dat het gratis is – en komen snel tot de conclusie dat het een uit de hand gelopen verzameling is, en we zijn er met een 20 min ook weer weg. Op het moment dat wij uit het museum stappen, stapt er iemand voor ons uit een Uber-auto. We communiceren met de Uber-driver dat we graag met hem meerijden. De driver blijkt een fantastische kerel die het ‘Uberen’ doet voor zijn plezier en om mensen te ontmoeten. We hebben het super gezellig en we spreken meteen met hem af om ons de volgende dag naar het National Park te laten rijden!

Het is een man van zijn woord en trouw staat hij in de vroege morgen voor ons hostel klaar om ons op te halen. Het is een aardig stuk rijden naar het Park, maar hoe vroeg het ook is, we hebben weer een leuk gesprek met onze vriendelijke held! We arriveren rond 07:30 bij de jetty toegangspoort van Bako National Park. Hier neem je de boot om bij het Park zelf te komen.

Het park staat bekend om zijn proboscis Monkey (de neusaap, maar ook wel Dutch Monkey genoemd vanwege zijn grote neus!) en er zijn dan ook een aantal hikes die je kan doen in het park, met eentje waar je grote kans hebt om ze te zien. Deze besluiten we te doen en maken een prachtige tour door de Bornoeaanse jungle, maar helaas voor ons géén neusaap. We doen nog een andere hike, waar we uiteindelijk niet echt goed uitkomen qua tijd en lopen terug naar het centrale punt om te vertrekken. Om 15:00 uur gaat de laatste (?!!) set boten terug naar de hoofdingang. We willen niet tot het laatste moment wachten en reserveren voor de zekerheid de boot van 14:00 uur. We hebben nog wat tijd te doden, en zien een groepje mensen even verderop rond een tak staan. Zou het dan toch? Het is echter geen aap zoals wij hoopten, maar een groene gifslang. Er hangt wel röhring in de lucht zoals we merken en verder staan weer wat mensen te staren, dit keer naar boven! We staren mee en in de verre verte in de boomtoppen worden we dan toch getrakteerd op een prachtige neusaap. De rust die hij heeft en hoe hij gemakkelijk en sierlijk van plek naar plek springt is prachtig! We zien er uiteindelijk 3 in totaal, ook zien we nog een familie zilver-apen. Als kers op de taart lopen we naar onze boot en zien op het strand nog een prachtig zwijn (dezelfde soort als Pumba uit de Lion King!) te staan vroeten in het natte zand.

 

Onze driver staat wederom gereed op het moment dat wij bij de jetty weer aankomen, en hebben een super plezierige rit met hem naar ons hostel. Inmiddels weet hij ook dat wij de volgende dag een hele vroege vlucht hebben naar Miri, en hij is ook zo lief om ons op te halen in de vroege morgen (5:00!) en ons op het vliegveld af te zetten (voor een schaamteloos laag bedrag).

We vliegen met een tussenstop in 2 uurtjes naar Miri, waar we wat eten, en stappen op het busstation op de bus naar Brunei!

Brunei Tsja, heb je er ooit eerder van gehoord? Toen we aankondigden dat we naar dit piepkleine landje op Borneo gingen, hoorden we hier en daar dat “Willem-Alexander en Maxima daar ook zijn geweest”. Ok, maar dan houdt het ook gauw op.

Als je Googled op Brunei kom je er al snel achter dat het om een ontzettend rijke oliestaat gaat, met een nóg rijkere sultan. We sommen even lukraak wat op als het gaat om de bezittingen van de sultan. Hij heeft:

• Een paleis met 1788 kamers, 257 badkamers, 5 zwembaden, 1 moskee en een eetzaal voor 5000 gasten • Een garage met 7000 uitzonderlijk dure auto’s • Op zijn 50e verjaardag een stadion laten bouwen, waarna hij Michael Jackson heeft uitgenodigd om er 3 optredens te geven voor 17 miljoen dollar

Met deze informatie in ons achterhoofd, verwachten we dan ook echt een cultuurshock aan te treffen zodra we de grens passeren vanuit Maleisië naar Brunei. Maar… dames en heren, jongens en meisjes — niets is minder waar!

Ok, ok, de grensovergang deed ons enigszins denken aan de overgang van België naar Nederland. Zo’n drempel van Vlaams slecht onderhouden asfalt naar de glanzende zwarte glijbaan van Nederland. De wegen in Brunei waren een stuk beter, maar daar hield het op dat moment dan ook bij op.

Na een lange maar voldane rit — vanwege een buitengewoon prachtige zonsondergang — komen we aan in de hoofdstad van Brunei. We worden in het centrum afgezet en besluiten eerst wat te eten, voordat we naar onze accommodatie gaan aangezien deze een kwartier rijden buiten het centrum ligt.

Terwijl we aan het eten zijn, vragen we aan een local wat een taxirit kost. Hij kijkt z’n vrouw aan en de hele gezinstafel begint te lachen. De tafel achter hun schaart zich erbij en na een minuut houden welgeteld 9 mensen zich lachend bezig met onze vraag. De reden is als volgt: Er zijn zo’n 50 taxi’s in Brunei, dus een beschikbare taxi vinden is al een hele opgave. Daarnaast kost een taxiritje van een paar kilometer al gauw 20 dollar. Iedereen denkt na en probeert ons te helpen met hoe we het beste naar onze bestemming kunnen. Uiteindelijk besluit het gezin dat ze ons zelf wel even wegbrengen met hun auto — zo lief! Na veel gelach en thank-you’s zitten we met onze backpacks op de achterbank van een volle gezinsauto.

We praten wat over Brunei en Nederland en krijgen nog wat tips. We bedanken ze van harte en nemen afscheid op de stoep van ons veel te dure hotel, want ja, Brunei is erg duur en we konden niets goedkoops vinden. Wél vertelt de man in kwestie ons die avond dat er een backpackershostel in het centrum zit en dat we daar maar eens moeten aankloppen!

De volgende dag checken we uit en gaan we opzoek naar het hostel waar hij het over had. Het duurt niet lang of een enorm youth center duikt op in de straat. En ja hoor… een tientje per persoon op een vier-bedden-kamer (nog steeds best veel, maar erg goedkoop voor Bruneise begrippen).

Brunei blijkt echter zo ontzettend saai, dat we er welgeteld 1 volle dag (2 nachten) verblijven. Er is werkelijk niets te doen dan rondlopen. Nu kan dat an sich juist heel erg leuk zijn, maar er valt werkelijk niets te beleven. Het is zelfs lastig om wat lokale eetgelegenheden te vinden. We hebben de bekende moskee bezocht in het centrum, waarvan de daken overigens bekleed zijn met ECHT goud, maar verder dan dat heeft Brunei ons niets te bieden. Toch hebben we zeker geen spijt van ons bezoek, want tja…we waren toch in de buurt.

De volgende dag nemen we de bus naar het noorden van Borneo, wat zich weer in Maleisië bevindt. Deze busrit levert 8 (!) stempels op in ons paspoort. De grensovergangen zijn namelijk als volgt:

Brunei (Zuid) – Maleisië (Sarawak) Maleisië (Sarawak) – Brunei (Noord) Brunei (Noord) – Maleisië (Sarawak) Maleisië (Sarawak) – Maleisië (Sabah)

Uiteraard kent elke grens een departure en arrival stempel, dus kom je op 2 x 4 = 8 stempels om vanuit Brunei in noord Borneo te komen.

   

Nadat we net vertrokken zijn rijden we nog even langs het paleis van de sultan, óók met gouden daken uiteraard, en na zo’n 8 uur rijden met tergend zeurende muziek van de chauffeur komen we aan in Kota Kinabalu, onze laatste stop op Borneo.

Kota Kinabalu Kota Kinabalu – in de volksmond KK – bezoek je om mountain Kinabalu en het aangrenzende National Park. De berg beklimmen kan alleen als je goed geoefende klimmer bent, en waar je minstens een halfjaar van te voren een permit voor moeten aanvragen. Nou zijn we dat eerste wel (knipoogt), maar hadden we geen vergunning. Het National Park bezoeken we wél en deze jungle is wederom prachtig. Ook hier doen we een hike, maar moeten hierna alweer vrij gauw terug naar de stad aangezien het nog 80km door de bergen rijden is.

Malaysia, Kota Kinabalu, Taman Kinabalu 04 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA

Malaysia, Kota Kinabalu, Taman Kinabalu 03 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA

We lezen ons in over de rest van Borneo (met name de oostelijke eilanden van Sabah) en komen tot de conclusie dat de andere delen die wij willen bezoeken onveilig verklaard zijn. Je herinnert wellicht nog de nieuwsberichten over piraterij en kidnappingen door Filipijnen op Maleisisch grondgebied. Het blijkt in die berichten te zijn gegaan om deze eilanden. Wetende dat het zeer onwaarschijnlijk is dat er iets zal gebeuren, besluiten we om er toch niet heen te gaan. Het geeft geen prettig gevoel en kunnen ook elders in de buurt de mooiste eilanden bezoeken. Zo gezegd, zo gedaan! We pakken daarom het vliegtuig naar Manilla. Hier stappen we — na een nachtelijke overstap van 9 uur lang — over op het vliegtuig naar Puerto Princesa op het prachtige Filipijnse eiland Palawan!

Puerto Princesa

Na lang bij de bagageband te hebben staan wachten als jonge puppy’s uitkijkend naar hun baasje… moeten we concluderen dat toch echt de backpack van Tim niet is meegekomen of kwijt is. We melden ons bij een medewerker en worden naar zijn wachtkamer meegenomen. Deze wachtkamer gaan we even voor je visualiseren:

Een vies klein opslaghalletje waar via de achterkant de vracht uit de vliegtuigen binnenkomt en aan de voorkant de busjes klaar staan om de vracht in te laden.

Wij zitten op twee kuipstoeltjes in het voorste gedeelte.

Op onze vlucht is kennelijk allemaal verse consumptievis meegekomen. Terwijl we op de stoel rustig zitten te wachten op antwoord, staat een tiental arbeiders de dozen vis open te snijden. Ze laten het lekkende ijswater eruit stromen en beginnen de vissen stuk voor stuk over te gooien in nieuwe dozen (ze controleren de vis waarschijnlijk op kwaliteit, echtheid of drugssmokkel). De vissen vliegen ons om de oren, terwijl we oppassen dat we niet met onze slippers in het smeltwater staan. Ondertussen vullen we wat documenten in betreffende onze vermiste bagage. We krijgen te horen dat er 3 scenarios mogelijk zijn: of hij is kwijt, of hij ligt nog in Manila, of de douane heeft hem vanwege zijn inhoud apart gehouden.

Na lang bellen, en veel hulp van Alex (de medewerker die ons helpt) zijn we erachter gekomen dat hij achtergebleven is in Manilla. Hij komt alsnog op het volgende vliegtuig mee. Na 4 a 5 uur kunnen we de tas ophalen. We overnachten 1 nacht in Puerto Princesa en gaan de volgende dag meteen met een busje mee naar El Nido, de plek waar we hiervoor naar dit eiland op de Filipijnen zijn gekomen.

El Nido Je komt naar El Nido voor zijn prachtige stranden, zonsondergangen en geweldige (verborgen) azuurblauwe lagoons (en voor sommigen ook om een stuk in je kraag te zuipen). Wij bewegen de eerste dagen eigenlijk alleen maar van ons bed naar het strand en vice versa. De ontspanning is toegeslagen na het (vele) reizen op Borneo en we genieten wel van een beetje op het strand liggen en in zee dobberen.

We huren na zes stranddagen een scooter en gaan, ja… komtie, naar Nacpan beach! Weer een strand? Jazeker! En ook nog eens een heel mooi strand! De weg naar dit strand is het eerste deel over gewoon asfalt en het laatste deeI is zand en losse stenen. We krijgen het voor elkaar om binnen een uur onze band lek te rijden. Zoals altijd komt alles goed, ook als we met een lekke band op een zandweggetje in de middle of nowhere staan. Een meisje langs de weg ziet onze panne en wijst naar een hutje verderop. “Waar de vlag hangt”, zegt ze.

We lopen naar het huisje toe en wat blijkt: we zijn aangekomen bij een restaurant, kapsalon én reparatiepunt in één! Een 20-jarige jongen bekijkt de band en trekt er na 5 minuten een volledig doorgescheurde binnenband uit. Die valt dus niet meer te plakken, dat snap je. Hij geeft aan dat we een nieuwe binnenband moeten aanleveren (Ehm…ja, waar halen we die dan?). Hij besluit dat ie tegen meerprijs, op de brommer van z’n zus, naar het dorp verderop zal rijden om een nieuwe binnenband te halen. Tim gaat bij de jongen achterop mee naar het dorp en Michel moet noodgedwongen een uurtje naar kuikens staren die vechten om een worm. Nadat alles achter de rug is en de band geplakt is wordt de nota opgemaakt: Brommerhuur, benzinekosten, montage en werkuren: een tientje! We vervolgen onze weg naar Nacpan Beach met een gloednieuwe achterband en een lach.

In tegenstelling tot het strand van onze eerste dagen zijn hier enorme golven in de zee. Dit brengt het kind in ons naar boven en laten ons keer op keer door de golven grijpen om vervolgens met de golf mee aan te spoelen als een verzopen kat. We verbranden deze dag beiden en zijn daardoor een aantal dagen uitgeschakeld in dit zonovergoten paradijs. We verplichten hiermee onszelf om binnen te blijven, zodat het snel kan genezen. Na een aantal dagen lanterfanten en talloze wc-bezoekjes vanwege een lichte voedselvergiftiging besluiten we dat we wel weer naar buiten kunnen. We boeken een snorkeltour naar de prachtigste plekken rond het eiland.

 

Philippines, El Nido, Nacpan Beach 01 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA

Bekijk vooral de foto’s! Ze spreken voor zich 🙂

<

p class=”p1″>We zijn strandmoe, snorkelmoe en El Nido moe. We besluiten de bus terug naar Puerto Princesa te pakken om vanaf daar per vliegtuig door te reizen. Onderweg in de bus boeken we op het stotterende mobiele internet een ticket naar Cebu en vervolgens naar Taipei, Taiwan! Op Cebu hebben we een overstap van 9 uur (we slaan een nacht over) en compleet gebroken en meer dan 36 uur wakker komen we aan in Taipei, waar we momenteel dan ook zijn. NI HAO! 🙂

Drie hoofdsteden op een rij

Jaaa daar zijn we weer! Enigszins stadsmoe, maar voldaan hebben we weer een aantal verhaaltjes op een rijtje gezet. Zoals gezegd drie hoofdsteden op een rij, maar we beginnen even waar we gebleven waren. Melaka, een dorp op 150 km onder Kuala Lumpur!

Melakka
In Malakka hebben we voornamelijk rustig aan gedaan, de plaats zelf heeft de hoofdprijs meest aantal musea per vierkante meter gewonnen — 37 (!!!) om precies te zijn, wat exorbitant is voor een plaats vergelijkbaar met Ede.
Geen van de 37 musea is voor ons interessant genoeg om te bezoeken dus gaan we de 4 dagen dat we hier zijn onze eigen weg op onze gehuurde (elektrische) beachcruisers.
Na 1 nacht in een massa-hotel te verblijven, verplaatsen we naar het leukste hostel tot nu toe. De eigenaar van dit hostel heeft op de binnenplaats achter zijn eetcafeetje een slaapkamer gebouwd met 5 bedden, en aangrenzend 2 douches. Alles is super schoon en heel leuk ingericht. Het kleinschalige en de eigenaar en zijn vrouw charmeren ons. En dit is achteraf gezien de reden waarom we 4 dagen in Melakka gebleven zijn.

   

   

We hadden eerst het idee om naar Singapore te gaan, om daar het Chinees Nieuwjaar te vieren. Echter duurde dat nog zo’n 10 dagen en dat is voor een (dure) stad als Singapore nogal lang. We besluiten eerst nog een tussenstop te maken in KL, oftewel Kuala Lumpur, waar we de vanaf Melakka per bus heen zijn gereden.

In KL heeft Michel een — zo blijkt — leuk hotel gevonden, midden in China Town.
De locatie is stategisch gezien een super plek door zijn centrale ligging en alle mogelijke transportmiddelen die hier binnen handbereik te vinden zijn.

Wat deden we eigenlijk allemaal in KL, een stad die we in 2015 ook al bezochten?

  • We hebben een poging gedaan om wat betaalbare kleding te kopen. Helaas zijn de opties vaak als volgt: óf een enorm duur Frans modemerk óf een leuk en goedkoop B-merk wat hele rare pasvormen heeft waardoor het nooit goed zit.

   

  • Ook hebben we drie volle middagen in een héle fijne koffietent gezeten met onze MacBooks. Ze hadden hier goeie koffie en — iets wat bijna uitzonderlijk is voor Azië — stabiel en redelijk snel internet. Ik Tim kwam weer tot rust na het veilig stellen van onze foto’s in de Cloud, daar we hier zo’n 2 maanden op achterliepen.
  • We hebben de nationale moskee van Maleisië bezocht. Ze hebben hier erg beperkte bezoekuren voor toeristen, en waar we initieel een uur bezoektijd hadden liepen we pas na 3,5 uur de moskee uit. Nadat we 5 minuten binnen waren raakte we in gesprek met Al Pozer, een vrijwillige gids in de moskee. We hebben het over de verschillende geloven maar zeker ook de gelijkenissen van het geloof gehad. Ook kregen we een uitleg bij de rituelen van een gebed, en discussieerden we over de meest uiteenlopende zaken.

   

  • Op een middag zitten we bij een westers georiënteerd eetcafeetje te eten en na verloop van tijd komen er steeds meer mensen bij de tafel naast ons staan. Ze begroeten de tafel naast ons en vragen om met hun op de foto te gaan. Nieuwsgierig dat we zijn vragen we het na bij de assistent (of was het zijn bodyguard?) en die vertelt ons dat het de voormalige minister president (1981-2003) Mahathir Mohamad met zijn vrouw is. Dat verklaart een hoop.

   

  

   

  • Op de een na laatste dag in KL besluiten we met de trein naar Port Klang te reizen om aldaar de ferry te pakken naar Pulau Ketam. Dit Chinese vissersdorpje is compleet op palen gebouwd en heeft geen wegen of gemotoriseerd vervoer. Het hoofd vervoermiddel is de fiets — of een elektrische variant daarvan. Het vissersdorpje is gericht op de vangst van krab. Pulau Ketam betekend dan ook niets meer dan Krab eiland.We struinen wat door de straatjes, wagen ons leven op verrote steigers en eten een bordje rijst. De dag is prachtig en lichtelijk sunburned gaan we weer terug naar KL.

   

  

  

  

Malaysia, Pulau Ketam 01 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA

 

Singapore werd Kuala Lumpur maar Kuala Lumpur werd toch weer Singapore…
We pakken de bus naar Singapore en zoals bij elke grensovergang over land, ga je lopend de grens over om vervolgens achter de grens weer in de bus te stappen. Met een nieuwe verse stempel in ons paspoort rijden we Singapore binnen, opweg naar Little India, waar we ons hebben ingeschreven voor een hostel. Het contrast met Maleisië is groot, dat valt meteen op en alles wat we hebben gelezen wordt meteen bevestigd.
Singapore is HET land van de regeltjes en strenge wetten. De straten zijn brandschoon en elke straathoek gaat gepaard met verbodsborden. Dit resulteert wel dat we in het veiligste en schoonste land ter wereld zijn.

We komen tijdens ons bezoek aan deze stad meerdere (voor ons) iets extreme voorbeelden tegen.

  • Kauwgom is bij wet verboden; Boete: S$ 1000,- (€600,-)
  • Steek niet over anders dan bij stoplichten of zebrapad; Boete: S$ 500,- (€300,-)
  • Spuugen op straat zoals heel China doet? Boete: S$ 100,- (€60,-)
  • Slokje water in de metro nemen: Boete: S$ 500,- (€300,-)
  • Niet doorspoelen van een openbaar toilet Boete: S$ 500,- (€300,-)
  • Iets op de grond gooien: Boete: S$ 1000,- (€600,-)
  • Roken; niet in openbaren gebouwen, op straat alleen bij de aangewezen asbakken anders boete: S$ 500,- (€300,-)

Wat deden we eigenlijk allemaal in deze grote stad?

  • Op het eerste gezicht lijkt Singapore een shoppingmall stad en als het de eerste dag met bakken uit de lucht komt, moeten wij ons met tegenzin overgeven aan al die malls op Orchard Road. Het is allemaal ver boven ons budget (de Louis Vuittons en Gucci’s vliegen om je oren). We slenteren een middag met tegenzin door de marmeren shopping paleizen in de hoop weer de volgende dag iets beter is.
  • We hebben in Cambodja op het eiland Koh Rong een Brits stel ontmoet, en ze blijken op dat moment ook in Singapore te zijn dus we doen een ‘meet up’ en lopen samen door de Gardens by the Bay (een tuin om de natuur met de stad te laten samenkomen).
  • MacRitchie Park; We zijn stad-moe aan het raken en zoeken dan ook alternatief vertier. Met de Metro (zonder chauffeur) verplaatsen we ons iets up-north en hier in het park met water reservoirs liggen verschillende hike routes, met als klap op de vuurpijl een TreeTop Walk. Deze loopbrug is ter hoogte van de toppen van de bomen, hierdoor heb je zicht op totaal andere flora & fauna en de Macaque apen vliegen ons om de oren! De trip die we lopen is uiteindelijk zo’n 20km en was echt een prettige afwisseling op de stad!

   

   

   

   

 

Singapore, MacRitchie Park 04 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA

Singapore, MacRitchie Park 14 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

  • Marina Bay Sands; Een landmark van de stad is een hotel wat bestaat uit 3 naast elkaar staande torens met een ‘boot’ op het dak wat de gebouwen met elkaar verbind. Deze boot biedt plaats voor meerdere bars, restaurants en een infinity pool. Dit is een zwembad van glas waarbij het net lijkt alsof je in het oneindige kan zwemmen.We besluiten hier een drankje te doen. Het uitzicht was geweldig, de borrel ook, alleen was het de prijs van ons complete dagbudget 🙂

   

  

  

 

Singapore, Marina Bay Sands 07 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

  

  

   

Chinees Nieuwjaar
We zijn naar Singapore gekomen om het Chinese Nieuwjaar te vieren, We hebben in Melakka 2 Duitse studenten ontmoet die een exchange semester in Singapore hebben en met hun hebben we afgesproken in China Town. We eten roasted duck in de menigte en proberen een gevoel te krijgen van wat de viering inhoudt voor de Chinezen. Om 00:00 zitten we klaar op de tribune voor het vuurwerk, maar zo strikt zijn ze dus niet. Het komt allemaal niet zo nauw. Rond 00:04 besluit men een aankondiging te doen en begint de vuurwerkshow. Geen countdown dus, niks van dat alles. Direct na het vuurwerk (4 minuten?) staat iedereen meteen op en gaat richting huis… we kijken elkaar wat beduusd aan en besluiten ook maar te gaan. GONG XI FA CAI (Happy Lunar New Year)!

   

  

Singapore, Marina Bay, CNY 02 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

Singapore, Marina Bay Sands Firework CNYE from Tim van Heukelom on Vimeo.

 

Op de eerste dag van het Chinese Nieuwjaar vliegen we naar Jakarta. Ik hoor je denken: “Alweer een stad?!” Ja en niet een kleintje! 10 miljoen inwoners wonen in deze immense stad en het is hier doordeweeks een krioelend mierennest op de weg. Gelukkig komen we zaterdagavond aan dus onze eerste dag is op een wat rustigere zondag.
We zijn op onze eerste (echte) dag meteen met frisse moed op pad gegaan. Ons hotel ligt goed centraal en lopen dan ook naar de — wat wij dan nog denken — metro.
Aangekomen bij het station kopen we een kaartje aan de balie, waarna we even moeten rennen want er komt al toeterend een trein aangereden. De metro is hier dus een stoptrein, die door de stad en de buitenwijken rijdt. We doen een sprintje maar de deuren gaan net dicht. De conducteur lacht vriendelijk en de deuren gaan voor ons weer open. We stappen in, maar blijken in de vrouwencoupé te zijn ingestapt. We manoeuvreren ons naar voren naar het mannengedeelte.
Deze zit alleen zo tjokvol dat we ons maar op het wiebelende plateautje tussen de twee treinstellen installeren. Meteen hebben we contact met een local die ons hartelijk welkom heet en graag een praatje met ons maakt. Bij het station waar wij er uit moeten wenst hij ons nog enorm veel plezier in zijn prachtige land, en maakt hij excuses voor de slechte mensen die we misschien tegen kunnen komen.
De trein blijkt iets te lang te zijn en we moeten dat ook een flinke meter naar beneden springen uit de trein om weer terug op het perron te komen. Als de 2 treinen om ons heen weggereden zijn lopen we in een chaotische menigte (over het spoor) naar de andere perrons. Op 1 perron hebben ze trappetjes staan zodat je de trein in kan lopen die aan weerszijde zijn deuren heeft openstaan, voor het geval dat je niet met deze lijn mee moet, maar nog een perron moet opschuiven.

   

  

Al wachtende op onze volgende trein, komt er een mannetje naar ons aangelopen en is meteen geïnteresseerd waar we heengaan. We leggen hem uit dat we op de blauwe lijn wachten en uitstappen op het eindstation Jakarta Kota. Hoe behulpzaam iedereen hier is, legt hij het gewoon nog een keer uit dat we voor Jakarta Kota de blauwe lijn moeten hebben en tot het einde moeten blijven zitten. “Maar volg mij maar, ik moet ook die trein hebben” De man is heel erg geïnteresseerd in ons, waar we heen gaan en waar we vandaan komen. En vertelt ons waar we heen moeten volgens hem in Indonesië. Inmiddels zijn we aangekomen op Jakarta Kota en op het moment dat we uit de trein stappen worden we benaderd door 2 jonge dames, of ze ons mogen interviewen, want ze studeren Engels en ze moeten foreigners interviewen. We stemmen hiermee in, en ze vragen ons te volgen. We beginnen al lopenden een kleine verdenking van scam te hebben, en zijn iets op ons hoede. Het interview is hartstikke leuk, en tijdens dit gesprek worden we al meerdere malen onderbroken voor een foto van ons. Na het interview staan er hele hordes Indonesiers om ons heen om met ons op de foto te mogen of ook een interview te doen met ons…
We staan weer op een heleboel selfie’s en groepsfoto’s en banen ons een weg door alle aandacht, na beide nog zo’n 5 interviews gaan we toch echt opzoek naar eten.

  

  

  

We brengen die dag ook een bezoek aan de Batavia haven en kijken onze ogen uit naar de schepen die hier liggen. Het terrein is ook vergeven van studenten die fotoshoots met elkaar hebben en na een rondje over de werf zelf een heleboel foto’s te hebben gemaakt hebben we het wel gezien en sluiten de dag af.

   

   

 

Tijd om eens goed na te denken waar we allemaal heen willen in Indonesië!

 

Wij zien niet wie er allemaal meelezen én we vinden het super leuk als je reageert op onze blogs… scroll even verder door dan kan je daar je reactie achterlaten!

Duurt het je soms te lang voordat we onze belevenissen weer met je delen?
Op Instagram delen we vrijwel dagelijks foto’s met daarbij een kort onderschrift. Hiermee heb jij alvast een kleine preview.

Michel
instagram.com/michelwalpot

Tim
instagram.com/timtjomme

NO BUS!

Vanuit een warm en tropisch Maleisië nemen we jullie graag mee naar onze laatste ijskoude stop in China, alvorens we jullie lekker gaan maken met het huidige klimaat waar we ons momenteel in begeven.

Dertig december j.l. arriveerden we inclusief filtermondkapje in het smogovergoten Beijing. De toegestane luchtvervuiling was meer dan twintigmaal overstegen, als we de Wereldgezondheidsorganisatie moeten geloven. En dat deden we. Wolken maakten vrijwel doorgaans plaats voor een geelgrijze mist, die soms zo dik was dat we met open ogen naar de zon konden kijken die er maar nauwelijks doorheen kon komen.

  

Zoals eerder vermeld zijn we gewapend met onze filtermondkapjes de stad in gegaan. Je zou denken dat geheel Beijing dit logischerwijs doet, maar niets is minder waar. Het meerendeel van de stad loopt zonder enige bescherming over straat, alsof er niets aan de hand is. Iets wat we best vreemd vonden, maar vooral ook erg voor al het kleine kroost die er zelf nog geen keuze over kunnen maken. Genoeg over de smog!

  

Tian’anmen Square (Plein van de Hemelse Vrede)

Beijing is Beijing niet zonder het Tian’anmen plein, zo dachten we bij aankomst in de stad. Alsof het zien van dit plein je pas echt doet beseffen dat je daadwerkelijk in Beijing bent. Dus, óp naar deze reusachtige plek in de stad om even te acclimatiseren. Uiteraard waren we niet de enigen, dus na een half uur in de rij te hebben gestaan voor een beveiligingscontrole mochten we het plein oplopen.

   

  

In één woord omschreven: “Communistisch”. Niet alleen de omvang van het plein, maar voornamelijk de omvang van de enorme betonnen gebouwen waar een kille grootsheid vanuit gaat waar je toch lichtelijk van schrikt. Tientallen, misschien wel meer dan honderd, rode vlaggen prijken op de door pilaren ondersteunde daken die hier en daar voorzien zijn van enorme geelgekeurde symboliek. Als kers op de communistische taart hing daar het reusachtige portret van Mao boven de poort van de Verboden Stad, aan weerszijden voorzien van bewakers in lange groene jassen met zwarte bontkraag en bijpassend zwarte bontmuts. Het koude weer deed het plein eer aan. Zo ook de smog. Kil en mysterieus van sfeer. En toch, het was prachtig. We beseften niet alleen dat we in Beijing waren, maar vooral ook dat we in China waren.

China, Beijing, Tiananmen Square 06 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA

China, Beijing, Tiananmen Square 02 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA

  

  

Oud en nieuw

Kort maar krachtig. Oud en nieuw viert men hier niet. Klokslag twaalf uur zaten we op onze hotelkamer en liepen we stilletjes toch naar buiten in de hoop iets te merken van het nieuwe jaar. Maar nee, men liep nog net zo rustig over straat om even boodschappen te doen bij de 24-uurs supermarkt om de hoek. Chinees oud en nieuw wordt pas gevierd op 28 januari. Welterusten!

Verboden Stad

Gedrapeerd in smog lopen we onder het enorme portret van Mao door om de Verboden Stad binnen te komen. Ook daar lopen we wederom een enorm leeg plein op, omringd door grote gebouwen. Ditkeer zijn de gebouwen historisch en daarom niet zo communistisch groots, maar juist authentiek Chinees. Grauwe stenen en versierde opgekrulde dakranden in meerdere opgestapelde lagen. Typerend, zoals we in Pingyao ook al zagen.

   

  

China, Beijing, Forbidden City 01 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

China, Beijing, Forbidden City 02 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

China, Beijing, Forbidden City 03 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

China, Beijing, Forbidden City 04 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

Geinspireerd door Andy Warhols bezoek aan de Verboden Stad zoeken we naar een aantal plekken waarvan we wisten dat hij er toentertijd portretten van zichzelf heeft laten maken. Zomaar, omdat het kan en om enigszins wat herkenning te zoeken in een plek die ons compleet vreemd is. Na wat foto’s te hebben gemaakt op de pleinen stromen we door het enorme complex. Historisch groots, maar voor ons persoonlijk van weinig waarde, op een aantal mooie uitzichten na.

  

  

Summer Palace

De smog is gedaald tot een waarde van vijf keer de toegestane hoeveelheid. Dit lijkt nog steeds veel, wat het misschien ook is, maar wat ons betreft voelt de lucht vandaag schoon aan. De lucht is blauw en de zon schijnt fel. Iets wat we in dagen niet hebben gezien. We besluiten naar Summer Palace te gaan. Een park buiten de stad wat vroeger diende als vertrek voor toenmalige keizers. In het park staan dan ook de nodige paleizen en tempels, die bést de moeite waard lijken om te bezoeken, en dat blijkt ook zo! Het is erg koud, wat maakt dat het bijliggende uitgestrekte meer volledig bevroren is. De uitzichten zijn daarom prachtig, aangezien het een combinatie betreft van natuur en Chinese architectuur. Zie de foto’s voor een impressie!

   

   

Tijdens onze hike door het park komen we veel Chinese senioren (enkel mannen) tegen die hun vertier zoeken in het park. Zo lopen we een groep senioren tegemoet die bezig zijn met Chinese kalligrafie! Elke man heeft een handgemaakte penseel van zo’n meter lang, bestaande uit een puntige spons, een omgekeerde halve literfles gevuld met water (i.p.v. inkt) en een plastic bezemsteel met wat ducktape. Op deze manier kalligraferen ze al lopende met hun penseel de straatstenen vol. Een ambacht waar je geen genoeg van krijgt om naar te kijken. Wat helaas opvalt is dat het enkel nog oude mannen betreft die deze kunst lijken te beheersen.

   

Verderop lopen we over een boogbrug die in het centrum gevuld staat met vliegeraars — wederom enkel oude mannen. Waar we in Nederland het vliegeren veelal overlaten aan de kinderen, is het hier een serieuze bezigheid. Elke vlieger is anders. Van octopus tot straaljager hangt op grote hoogte in de blauwe lucht boven het bevroren meer. De mannen kijken doodserieus vanaf hun krukje omhoog, maar zijn stiekem als een kind zo blij. En wij ook.

   

Great Wall

Het gaat vandaag écht gebeuren. Wie denkt aan China, denkt aan de Chinese muur! Met een lengte van meer dan 10.000 kilometer zijn er een hoop plekken waar je de muur kunt bezoeken, waarvan de beste plekken te bereiken zijn vanuit Beijing. Om te zorgen dat we niet in het hypertoeristische Badaling gedeelte terechtkomen, lezen we ons wat in over alternatieven en hoe we deze op eigen houtje kunnen bereiken.

’s Ochtends rond half 6 gaat de wekker. De plek waar we de muur willen bezoeken ligt op zo’n 80 kilometer buiten de stad, maar is goed te bereiken per bus. We hebben op internet exact gelezen op welk busstation we welke bus moeten nemen en gaan met goede moed op pad. Op het busstation aangekomen zijn er echter een hoop busnummers te vinden, behalve ons busnummer. Oh oh. Daar gaan we weer. Een vrouw komt ons tegemoet die precies weet te vertellen wat we moeten doen. Helaas is dat geen goed teken, want haar enthousiasme is groter dan de onze. Dat betekend veelal dat er een commercieel addertje onder het gras zit waar we liever niet intrappen. We zijn op zoek naar de openbare bus en niet naar een halve touringcar scam. Echter wisten we totaal niet waar we dan wél heen moesten, want de buslijn die we zochten leek niet meer te bestaan.

Argwanend lopen we een stukje met de vrouw mee om te kijken waar ze ons heen wilt brengen. De bus ziet er goed uit. Er stappen veel locals in. Het is een bus van de lokale busmaatschappij. Misschien heeft ze toch écht goede bedoelingen. We stappen de bus in en betalen een normale prijs voor de busrit. Het voelt goed tot nu toe. Maar dan zien we buiten de bus een drietal Duitse jongens staan die duidelijk ook opweg zijn naar de Chinese Muur, echter stappen ze niet in onze bus.

We lopen snel de bus uit om contact te maken met de groep, die ons vertelt dat ze ook vrij argwanend zijn over de vrouw in kwestie. Aangezien de busprijs normaal is en er locals inzitten, besluiten we met z’n allen in te stappen en een stuk samen te reizen. De vrouwen zijn niet blij, waarom weten we niet. Er gaat in ieder geval iets niet zoals het hoort te gaan.

De busrit moet ongeveer anderhalf uur duren. Na drie kwartier stopt de bus bij een halte en komen er een aantal particuliere taxichauffeurs de bus ingestormd die ons maar al te graag naar de muur willen brengen. Ze beweren dat dit de enige weg is. We weigeren, want we horen pas uit te stappen bij de eindhalte. Na vier keer te herhalen dat we écht niet gaan uitstappen, lopen ze verslagen de bus uit. We komen erachter dat dit de halte is waar de vrouwen in Beijing ons wilden laten uitstappen. Waarschijnlijk speelden ze onder een hoedje. Oftewel, verwijzen naar de juiste bus, om ons vervolgens te vroeg te laten uitstappen zodat we de rest met een dure taxi moeten afleggen. We lezen later op internet van gedupeerden dat deze scam helaas actief is op de betreffende buslijn. Gelukkig, ook weer opgelost. Op naar de eindhalte!

Eenmaal aangekomen bij de eindhalte dienen we de laatste kilometers af te leggen met een Minivan. Het is inmiddels best gezellig geworden met de Duitsers, dus we besluiten om vandaag gezamenlijk te gaan hiken op de muur. Fijne bijkomstigheid is ook dat we hiermee de kosten voor de Minivan kunnen delen door vijf — goed voor ons budget!

Na wat onderhandelen met een particuliere chauffeur die al tien minuten lang ‘NO BUS’ naar ons roept om aan te geven dat we toch écht met zijn Minivan naar de Chinese Muur moeten, komen we tot een afgesproken prijs.

   

Na nog eens zo’n 30 kilometer af te leggen zien we de Chinese Muur in de bergen verschijnen. Onwerkelijk om te zien, zo uitgestrekt en hoog in de bergen. We komen bij de ingang en merken dat we, op een handjevol Russen na, de enigen zijn op dit gedeelte van de muur! Geen selfiestickparades of bussen vol met dagjesmensen, fantastisch! Na een kwartier lopen komen we aan bij de trap die ons op de muur brengt.

China, Jinshanling, Great Wall 02 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

China, Jinshanling, Great Wall 05 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

China, Jinshanling, Great Wall 06 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

China, Jinshanling, Great Wall 07 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

China, Jinshanling, Great Wall 11 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

China, Jinshanling, Great Wall 14 #timenmichelopreis – Spherical Image – RICOH THETA


Click to play

Daar staan we dan! Na een ontlopen scam en een schreeuwende Minivan chauffeur is er niets over dan rust en stilte op een muur die aan weerszijden verder rijkt dan de horizon. Het is er prachtig. Nadat we even genieten van het besef, besluiten we een aantal kilometer te gaan hiken. De uitzichten zijn fantastisch! Het idee dat dit complex meer dan 10.000 km lang over de hoge bergkammen kronkelt is moeilijk te beseffen. Mede daardoor is het een hele mooie ervaring, die we iedereen kunnen aanraden. Nadat we teruggekomen zijn in Beijing, besluiten we de dag in stijl af te sluiten met Peking eend — de kers op de taart!

  

  

  

  

  

Temple of Heaven

Onze reis door China zit er bijna op. Voordat we gaan willen we graag nog de Temple of Heaven bezoeken. Niet zozeer vanwege de tempel, maar vanwege het park waar het in gelegen is. In de vroege ochtend schijnt het park namelijk een plek te zijn waar locals hun dag graag beginnen, ieder op zijn eigen manier.

We lopen het park binnen, wat vol staat met dennenbomen die vanwege de vroegte nog gehuld zijn in ochtenddauw. In de verte, tussen de bomen, horen we gezang! We besluiten ernaar toe te lopen. We lopen het ‘bos’ in en zien de ene bezigheid na de andere. Een Chinese man beoefend Tai Chi op de muziek die uit zijn meegebrachte radiootje komt. Verderop staat een man karate oefeningen te doen. Het gezang komt inmiddels dichterbij. In de verte zien we het al. Eenmaal aangekomen treffen we een religieuze samenkomst van zo’n twintig mensen. De groep is opgesplitst in tweeën. De ene groep loopt in een lange rij al zingend achter elkaar aan. Ze lopen in een kring. De persoon vooraan in de rij tikt meditatief op een koperen bel. Temidden van de kring zit de tweede groep. Ze zingen mee, maar knielen ook in de richting van een ingelijst portet wat ze notabene bevestigd hebben op een boodschappentrolley! Het portret komt ons niet bekend voor. Een religie die we nog niet eerder hebben gezien, zover we weten. Indrukwekkend om te zien, vooral de eenvoud die ervan uitging. We lopen verder naar de Temple of Heaven, waar we uiteindelijk voor gekomen waren. De weg ernaartoe was echter vele malen interessanter.

  

  

Onze reis door China zit er nu echt op. We begeven ons naar het vliegveld, waar we om half 3 ’s nachts van Beijing naar Penang zullen vliegen met een tussenstop van zo’n 6,5 uur in Kuala Lumpur. Terwijl we in de wachtruimte zitten tot onze incheckbalie opengaat, sluiten we onze trip lachwekkend af op het moment dat een groep Chinezen naast ons op de grond begint te picknicken. Ze hebben wederom tassen vol met warm eten meegenomen. Hoe kan het ook anders!

Penang, Maleisië

Twee jaar geleden waren we hier ook al, dus de weg is ons inmiddels bekend. Weliswaar hadden we toen een vakantie van ‘slechts’ drie weken, waardoor we veel activiteiten moesten overslaan. We vonden Penang toentertijd een erg leuke plek, dus tijd om herinneringen op te halen en hier en daar de bezienswaardigheden te bezoeken die we toen hebben gemist.

De eerste dagen dat we in Maleisië zijn genieten we vooral van het feit dat we niet meer in China zijn! Geen vrieskou, geen taalbarriere of vertaal apps en geen gecensureerd internet meer. Heerlijk! Des te meer genieten we nu van zonovergoten dagen met standaard 30 graden, een gezellig praatje hier en daar en internet wat gewoon fatsoenlijk werkt.

Eén van de activiteiten die we hier hebben gedaan, bespreken we graag! Al het overige laten we graag over aan de foto’s! 🙂

  

  

   

  

   

   

   

   

  

  

  

  

Taman Negara Pulau Pinang

Maleisië is een land vol prachtige jungles! Je merkt sowieso aan Maleisië dat het een enorm groen en vruchtbaar land is. Logisch, met zo’n uitgesproken tropisch klimaat. We besluiten om vandaag een van de vele jungles te bezoeken die Maleisië rijk is. De jungle is gelegen in de linkerbovenhoek van het eiland Penang en is daarom goed te bereiken per openbaar vervoer.

Eenmaal aangekomen bij de ingang van het National Park, want dat is het, moeten we voor de veiligheid onze gegevens achterlaten. Je checkt hiermee als het ware in, zodat je ook kunt uitchecken wanneer je de jungle verlaat.

We lopen het park in en nog geen 200 meter later komen we een enorme leguaan tegen die naast ons in de zee zwemt om een stuk drijvend eten op te pikken. Verderop zwemmen er nog twee en wanneer we verder lopen worden we verwelkomd door een Macaque aap die boven ons loopt. Naarmate we verder lopen wordt de begroeiing wilder en de paden nauwer. We beginnen aan een hike van zo’n 14 kilometer.

   

Onderweg zien we tientallen grote vlinders, veelal zwart en schitterend blauw van kleur. De bomen en planten die we tegenkomen herkennen we alleen in miniatuurvorm van kamerplanten die je kunt kopen bij de bloemist. Vooral het geluid was ook bijzonder. Tijdens de gehele tocht hoor je stromende beekjes en fluitende vogels, maar voornamelijk lawaaierige krekels met hun herkenbare snerpende geluid. Doordat alles begroeid is en zo groots, hoor je alle geluiden op een hele ruimtelijke en echoënde manier, wat heel mooi klinkt! Onderweg lunchen we op een verlaten strand en keren daarna terug de jungle in om omweg te gaan naar de uitgang, nu al wetende dat dit zeker niet de laatste jungle is die we willen bezoeken.

   

   

   

Na een week in Penang te zijn verbleven hebben we de bus genomen naar het rustige Melaka in het zuiden van Maleisië. We slaan hiermee een groot deel van West Maleisie over, omdat we dit in 2015 al bezochten en we momenteel meer uitkijken naar Maleisisch Borneo. Helaas zijn we erachter gekomen dat het regenseizoen op Borneo momenteel op zijn hoogtepunt is. We zullen onze reis door Maleisië daarom voor nu even moeten uitstellen, maar komen hier op een later moment heel erg graag terug! Op naar Singapore dan maar?

Wij zien niet wie er allemaal meelezen én we vinden het super leuk als je reageert op onze blogs… scroll even verder door dan kan je daar je reactie achterlaten!

Duurt het je soms te lang voordat we onze belevenissen weer met je delen?
Op Instagram delen we vrijwel dagelijks foto’s met daarbij een kort onderschrift. Hiermee heb jij alvast een kleine preview.

Michel
instagram.com/michelwalpot

Tim
instagram.com/timtjomme